Verslag Brasschaat – Tim Baelus

Brasschaat – 25 juni

De triatlon van Brasschaat was me vorig jaar goed bevallen en daarom had ik hem dit jaar weer in mijn programma opgenomen. De wedstrijd was geen doel op zich, dus er werd lustig doorgetraind met nog een lange zwemtraining de dag voordien. Na een week zeer warm weer, wat toch wel wat impact had op mijn nachtrust en trainingsarbeid, was de temperatuur iets draaglijker. Er viel zelfs soms af en toe wat malse regen, die voor de nodige afkoeling zorgde. Jammer genoeg stond er enorm veel wind, wat zeker niet in mijn voordeel speelde.
De zwemstart verliep redelijk vlot, al had ik het gevoel dat we wat aan het zigzaggen waren. De eerste honderden meters voelden mijn armen zwaar aan en net zoals in Leuven, moest ik ook nu weer een kopgroepje laten gaan. In het tweede deel van de 1900m zwemmen heb ik nog geprobeerd naar dit groepje toe te zwemmen, maar ik geraakte niet dichter dan 10 seconden op de laatste man in dit groepje, ploeggenoot Lars. Als 10de kwam ik na 25 minuten en 10 seconden aan de kant.
Dit leek een ideale uitgangspositie. Ik wist dat er nog een aantal snelle fietsers achter mij kwamen en ik hoopte van hen te kunnen profiteren om zo wat meer naar voor te rijden. De eerste 20 km op de fiets had ik een goed gevoel. Dit zal wel te maken hebben met het feit dat de wind hier volop in de rug blies. Ik raapte wat snellere zwemmers op en bleef rustig mijn tempo fietsen, zonder diep te moeten gaan. Wel werd ik een eerste keer verkeerd gestuurd. De seingevers waren vaak met andere dingen bezig dan sein geven… Na 20 km kwam ploeggenoot Niels bij mij. Ik hoopte dat ik hem, net zoals in Leuven, zou kunnen volgen, maar de wind en het bochtrijke parcours zorgden er voor dat ik niet kon aanklampen. Het optrekken tegen de wind na iedere bocht kostte me te veel krachten en langzaam moest ik Niels laten gaan. Maar ik had nog hoop. Er zaten nog wat snelle fietsers aan te komen en ik hoopte in hun zog mee te kunnen rijden. Toen hardrijders Lucky Berlage en Geert Janssens voorbij kwamen, heb ik weer geprobeerd om mee te gaan, maar hetzelfde scenario speelde zich af… De wind hield me tegen en het steeds terugkerende draaien en keren maakten me moedeloos. De resterende 60 km heb ik alleen in de wind moeten afwerken. In de laatste ronde kon ik nog naar ploeggenoot Daan rijden, maar veel snee zat er niet meer op. Bovendien ben ik in de laatste kilometers nog een keer de verkeerde richting uitgestuurd door een seingever. Na 2u21m op de fiets kon ik eindelijk aan het lopen beginnen.
In de wisselzone heb ik weer rustig de tijd genomen om sokken en mijn schoenen aan te doen. Het loopparcours was niet gewijzigd tegenover vorig jaar, dus ik wist wat ik kon verwachten. Ik vond onmiddellijk een aangenaam tempo en kon nog wat atleten inhalen. Ik wist echter niet hoe ver ik van de koplopers hing. Naar mijn gevoel hadden ze een gigantische voorsprong bij elkaar gefietst, waardoor ik dacht dat het hopeloos was om nog iemand van de koplopers in te halen. Tot mijn verbazing zag ik in de laatste ronde Lucky Berlage lopen. Ik had nog wat energie over, waardoor ik hem makkelijk kon inhalen. Zo liep ik op positie 6. Bij de aankomst bleek dat de 5de plaats nog maar 20 seconden verder liep. Die had ik in principe ook nog kunnen inhalen, maar ik had hem niet gezien… Wijze les: ken uw tegenstanders.
Met een 6de plaats kan ik wel tevreden zijn, al had er meer ingezeten. Ik onthoud vooral dat de loopbenen heel goed zitten (met 1u17m en een 2de looptijd op de afsluitende 20km)  en dat er aan het fietsen nog gewerkt moet worden.