Seizoensoverzicht – Sam Van Gerwen

Verslag Beerse Rijkevorsel Wuustwezel Eindhoven… Mechelen

We zijn enkele dagen voor de wedstrijd in Lille, traditiegetrouw de laatste wedstrijd van het zomerseizoen, en ik begin aan mijn eerst verslag van het jaar. Acuut tijdsgebrek deze zomer? Jammer genoeg niets van dat. Daarom hierbij een kort relaas van mijn seizoen en een verslag van de enige wedstrijd waar ik semi-behoorlijk naar toe kon werken.
Eind vorige winter maakte ik voor mezelf de balans op van de zomer voordien en kwam tot het besluit dat ik me voorlopig, met de beperkte kwaliteiten en middelen die ik bezit, beter kan focussen op drafting wedstrijden. Hierdoor zou ik ook selectiever kunnen worden in de wedstrijden die ik meedoe ipv elk vrij weekend een wedstrijd in te plannen. Aangezien ik me niet graag ver verplaats voor wedstrijden en door enkele niet-sportieve verplichtingen, kon ik mijn eerste triatlonwedstrijd pas meedoen eind juni. Tot die periode moest ik het stellen met enkele duathlons en loopwedstrijden.
Uit deze wedstrijden leerde ik al snel dat mijn progressie op vele vlakken nihiel was vergeleken met vorig seizoen en er iets moest veranderen indien ik beter wilde worden. Tot dan trainde ik voornamelijk met de natte vinger. Gewoon doen waar je zin in hebt. Ik besloot daarom er wat wetenschappelijke lectuur bij te nemen en bokste autodidactisch (en behoorlijk amateuristisch) een heel trainings- en wedstrijdschema in elkaar. Het resultaat hiervan kon ik al snel merken en zien.
Eind juni was er dan eindelijk met de Lollepotters triatlon in Malle de eerste echte test van de zomer om te kijken waar ik conditioneel stond. Van deze wedstrijd was ik achteraf, ondanks enkele goede punten waaronder het zwemmen, niet echt tevreden omdat ik me zodanig opgeblazen had in het fietsen dat er geen jus meer in de benen zat om nog deftig te kunnen lopen. Een week later volgde een herkansing op de birathlon in Brecht. Ik nam enkele zwakke punten uit Malle mee en legde in Brecht een goede wedstrijd af. Ik voelde dat ik op de goede weg was en moest doorzetten met de huidige trainingsmethode. Veel meer kan ik van deze wedstrijden ook niet vertellen, om deze reden bleef een verslag achterwege.
Eind Juli wilde ik in de wedstrijd van Beerse mezelf eens volledig gooien en bouwde daarom zelfs een korte rustperiode in. Ik voelde me nog nooit zo fit en stond dan ook met hoge verwachtingen aan de start. Deze verwachtingen werden al snel de kop in gedrukt want na twee minuten op de fiets maakte ik hard kennis met het asfalt. Triatlonpak kapot, horloge gebarsten en dikke schaaf- en brandwonden van schouder tot knie. De wedstrijd heb ik op adrenaline uitgedaan om ergens in het midden van het pak te eindigen. Als ik de minuten waarbij ik aan de kant stond na mijn val van mijn eindtijd aftrek, dan had ik al de 10de plaats gehaald. Hierbij moet nog gezegd worden dat ik de resterende 3,5 fietsronden alleen heb kunnen afleggen en het lopen met de nodige pijn gepaard ging.
Het resultaat van de deze val was 6 dagen niet kunnen trainen en het moeten staken (uit angst voor infecties) van alle zwemactiviteiten voor 4 weken. Dit was niet alleen fysiek een tegenvaller, maar vooral moreel een zware opdoffer aangezien ik de wedstrijden van Rijkevorsel en Wuustwezel hierdoor heb moeten laten schieten. Niets zo frustrerend om dan van alle kanten bevestiging te krijgen, dat je er scherp uitziet. Dat je voelt dat de conditie goed is, maar er niets mee kan aanvangen. De jogging van de lokale chiro niet meegerekend. Na enkele dagen kon ik terug normaal lopen en fietsen maar ik voelde dat het momentum en de drive waar ik inzat volledig weg waren. Gelukkig heelt de tijd alle wonden en tegen het einde van augustus was ik ook terug aan het zwemmen. In België waren er voorlopig geen wedstrijden meer waar ik aan kon deelnemen. Gelukkig vond ik in Eindhoven nog een wedstrijd waar ik een mooi doel van kon maken. Twee dagen voor die wedstrijd werd ik echter weer getroffen door pech. Ik val met de fiets op weg naar het werk. Het resultaat van de combinatie: nat achterwiel, bocht en kasseien. Deze keer is het mijn andere heup die er aan is. Ik besluit ook nu maar weer te passen voor de wedstrijd en twijfel om het seizoen daar maar gewoon af te sluiten.
Na een nachtje slapen besluit ik toch maar door te zetten tot de kwarttriatlon van Mechelen. Mijn geplande hoofddoel voor dit seizoen. Onder het motto: niets meer te verliezen blijf ik de laatste twee weken gewoon zwemmen. Anderzijds heb ik vanaf dat ogenblik ook geen opofferingen meer gedaan voor de wedstrijd en  verder elk risico dat mijn deelname in gevaar had kunnen brengen vermeden.
Op 16 september stond ik dan uiteindelijk nog eens klaar voor de start. Niet wetende wat ik kon verwachten door de lange periode zonder wedstrijd. Voor het zwemmen had ik wel enige angst. Er moeten 2 lussen van 750 meter afgelegd worden. Een afstand die vier keer langer was dan de langste afstand die ik dit seizoen in wedstrijd afgelegd heb. Ik besloot wijselijk van mezelf wat in te houden.
Bij het geven van de start op het strand twijfelde ik niet en gooide me onmiddellijk in het strijdgewoel. Aangezien er gezwommen werd in een plas dacht ik dat alles wel snel op lint getrokken zou worden. Daar heb ik me wel even vergist. Nog nooit heb ik een wedstrijd meegemaakt waar er zo nerveus gezwommen werd. De boeien waarrond er gezwommen werd, waren moeilijk zichtbaar waardoor niemand echt goed leek te beseffen welke richting we op moesten. Zelf moet ik bekennen hierdoor ook de nodige extra meters te hebben afgelegd en enkele slokken vuil vijverwater binnen heb gekregen. Hoewel ik behoorlijk tevreden was over mijn zwemactiviteit, kwam ik hierdoor als 78ste van de 227 deelnemers uit het water. Ik ontbrak in deze situatie duidelijk wedstrijd ritme. Tot dan had ik in wedstrijden enkel in een rechte lijn gezwommen op het kanaal Dessel-Schoten en aan de lange lijn met boeien in de Lilse bergen.
Aangezien mijn horloge 7 weken na mijn eerste val nog altijd gemaakt moet worden (met dank aan de goede service van Garmin!) had ik geen idee van mijn geleverde prestatie. Bij het bekijken van de uitslag na de wedstrijd, leken de zwemtijden me behoorlijk traag. Kort opzoekwerk vertelde me al snel dat de zwemproef in werkelijkheid ergens tussen de 1,65 en 1,8 km lang geweest moet zijn. Wat de trage tijden uiteraard verklaart.
Uit het water gekomen moest er een flinke afstand gelopen worden naar de eerste wisselzone. Hier deed ik zowat alles verkeerd wat je verkeerd kon doen om vervolgens aan mijn fietsproef van 43 kilometer te beginnen. Al snel had ik enkele mensen rond mij die wel wilden mee wilden ronddraaien. Jammer genoeg was ik de enige die een snelheid van boven de 40km/h kon rijden, waardoor lange fietsbeurten mijn deel waren. De laatste persoon in de rij kon op de kop van ons groepje amper 36km/h rijden. Ik liet hem telkens toch ook even kopwerk doen om dan zelf weer veel energie te steken in het optrekken van de snelheid. Rond kilometer 36 werden we dan eindelijk opgenomen in een groter peloton, waar ik me de laatste 7 kilometer wat kon verstoppen en wat op adem kon komen.
Als 71ste dook ik de tweede wissel in. Deze ging gelukkig wel goed. Met een goede loopproef zou ik nog veel tijd goed kunnen maken en een mooi eind resultaat kunnen neerzetten. Ik trachtte te vertrekken tegen 3:50/km. Na tweehonderd meter kwam ik echter tot het besef dat ik door al mijn gebeuk op de fiets mijn gels vergeten te nemen ben tijdens het fietsen en deze ook niet mee uit de wisselzone genomen had. Nog geen tien seconden later krijg ik van uit het niets een oplawaai van de man met de hamer. Mijn spijsverteringsstelsel leek helemaal  te verkrampen en mijn benen voelden aan als lood. Net niet stappend zet ik verder in de hoop dat dit snel over zou gaan. De bekertjes water die je van de organisatie aangereikt krijg zijn slechts een lapmiddel. Soms ging het even beter, maar verder dan 4:40/km kom ik niet meer, met een absoluut dieptepunt van 5:55/km waarbij mijn activiteit best omschreven had kunnen worden als snelwandelen. Steeds meer kwaad worden op mezelf omdat ik zoiets vitaal vergeten ben. Ik moet met lede ogen aanzien hoe ik langs alle kanten wordt ingehaald door mannen en vrouwen die dikwijls tweemaal mijn gewicht meedragen en twee keer mijn leeftijd hebben. Uiteindelijk kom ik helemaal leeg als 82ste over de finish om me vervolgens op de bevoorrading te storten en neer te zijgen tegen een hek. Mijn eindtijd was met 2u28’16’’ver de verwachting gebleven. Desondanks was ik tevreden dat eindelijk nog eens een leuke wedstrijd heb kunnen eindigen. Maar de algemene gedacht is wel: laat ik dit seizoen maar snel vergeten.
Op naar de winter, met in december mijn eerste deelname (als alles goed gaat) aan de Hel van thuisdorp Kasterlee.